Algemene bevolking

Er zijn in Nederland diverse peilingen van het percentage rokers in de bevolking. In grote lijnen komen de cijfers overeen, maar sommige percentages wijken iets af. Dit komt door verschillen in onderzoeksmethoden, precieze vraagstelling en onderzochte leeftijdsgroepen.

  • De Gezondheidsenquête van het CBS wordt jaarlijks gehouden onder ca. 15.000 respondenten van 12 jaar en ouder. Roken is een van de vele onderwerpen. Voor prevalentiecijfers (percentages rokers) wordt zoveel mogelijk de Gezondheidsenquête aangehouden.1

In 2016 rookte iets minder dan een kwart (24,1%) van de bevolking van 18 jaar en ouder. Dit is een daling ten opzichte van 2015 (26,3%) en 2014 (25,7%).

  • Mannen geven vaker aan dat ze wel eens roken dan vrouwen (28,1% versus 19,5%). 
  • Volwassenen met een laag opleidingsniveau roken vaker (29,0%) dan mensen met een middelbaar opleidingsniveau (26,4%) of hoog opleidingsniveau (17,6%). Dit geldt ook voor dagelijks roken: respectievelijk 25,1%, 21,5% en 9,7%.
  • In 2016 ligt de piek in het roken bij de leeftijdsgroep 30-39-jarigen, waarvan 29,1% wel eens rookt en 21,1% dagelijks rookt.

In de Leefstijlmonitor (Trimbos-instituut i.s.m. CBS en RIVM) is gevraagd welk type tabaksproduct de respondenten rookten. Hieruit blijkt het volgende:

  • Sigaretten zijn in 2016 net als in voorgaande jaren het meest gebruikte tabaksproduct (73,9%).
  • In 2016 gebruikte 3,5% van de volwassenen ‘wel eens’ elektronische sigaretten en 5,8% gebruikte ‘wel eens’ waterpijp. Voor een deel was dit al langer dan 12 maanden geleden.
  • Rokers roken gemiddeld 10,7 sigaretten per dag. Van de rokers is 16,9% een zware roker (gemiddeld 20 of meer sigaretten per dag).2

Prevalentie (%) van roken in de totale bevolking van 18 jaar en ouder, naar kalenderjaar. Peiljaren 2000-2016. (zie figuur).

Bronnen

1. Centraal Bureau voor de Statistiek (2017). Gezondheidsenquête vanaf 2014
2.  Gezondheidsenquête/Leefstijlmonitor, CBS i.s.m. RIVM en Trimbos-instituut, 2016.
3. LSM-A Middelen/Leefstijlmonitor, Trimbos-instituut i.s.m. CBS en RIVM, 2016.