Bericht

Roken tijdens de zwangerschap lijkt te dalen

woensdag 26 juni 2019

Zeven procent van de vrouwen met een kind van 0-2 jaar heeft tijdens de zwangerschap weleens gerookt. In 2016 rookte nog 9% van de vrouwen weleens tijdens de zwangerschap. Hoewel de afname statistisch niet significant is, lijkt het aannemelijk dat er sprake is van een dalende trend. Dit blijkt uit de factsheet van de Monitor Middelengebruik en Zwangerschap 2018 van het Trimbos-instituut.

In de vier weken vóór de zwangerschap rookte 15% van de vrouwen. Tijdens de zwangerschap rookte 7% van de vrouwen op enig moment en 3,5% rookte gedurende de hele zwangerschap. Het percentage vrouwen dat na de zwangerschap rookte is 11%. Ten opzichte van 2016 zijn al deze percentages gedaald, maar de verschillen waren niet significant.

Ontwikkeling in de goede richting
Eén van de doelstellingen van het Nationaal Preventieakkoord is een daling van het aantal vrouwen dat rookt tijdens de zwangerschap naar 5% in 2020. De nieuwe cijfers wijzen op een ontwikkeling in de goede richting, maar we zijn er nog niet. Een opvallende bevinding uit het onderzoek is ook dat ruim de helft van de vrouwen in staat is om succesvol te stoppen met roken tot en met het einde van de zwangerschap, maar dat 43% van deze groep na de zwangerschap weer begint met roken. Vaak gebeurde dit al in de eerste vier weken na de bevalling. Hier ligt dus een uitdaging om vrouwen (en partners) te motiveren na de zwangerschap rookvrij te blijven.

Weinig aandacht voor het sociale netwerk van zwangere vrouwen bij stoppen met roken
Ruim twee derde van de vrouwen die vóór, tijdens of na de zwangerschap rookten had een partner die óók rondom de zwangerschap rookte. Op het gebied van de sociale omgeving is ook nog een slag te slaan. Uit een vandaag verschenen verkenning van het Trimbos-instituut blijkt dat de intensiteit van de stoppen-met-roken adviezen en begeleiding die verloskundig zorgverleners geven aan partners, familieleden en andere mensen uit de directe omgeving van zwangere vrouwen laag is. Daarnaast zijn derdehands rook en de gevolgen ervan niet bij alle verloskundig zorgverleners bekend en wordt het verouderde advies om te minderen met roken of buiten te roken nog regelmatig gegeven aan de omgeving. Een volledig stopadvies voor partners en andere naasten ontbreekt vaak. Ook is het voor verloskundig zorgverleners onduidelijk wat hun rol is in de begeleiding van het sociale netwerk en naar wie zij partners, familieleden en vrienden eventueel kunnen doorverwijzen. Er lijkt nog veel winst te behalen in het bespreekbaar maken van het rookgedrag van het sociale netwerk en het motiveren van het sociale netwerk om te stoppen met roken.

Eenvoudig en visueel materiaal sluit aan op leefwereld laagopgeleide moeders
Vrouwen met een laag of middelbaar opleidingsniveau blijken vaker vóór, tijdens en na de zwangerschap te roken dan vrouwen met een hoog opleidingsniveau. Van de vrouwen met een hoog opleidingsniveau rookte bijvoorbeeld 3% tijdens de zwangerschap ten opzichte van 12% van de vrouwen met een middelbaar opleidingsniveau en 16% met een laag opleidingsniveau. Dit laat zien dat stoppen-met-roken activiteiten goed aan moeten sluiten op vrouwen met zowel laag als middelbaar opleidingsniveau. Bestaande informatie over stopadvies wordt door laagopgeleide zwangeren niet altijd goed begrepen, onthouden, of sluit niet aan. Daarom zijn er vandaag nieuwe, eenvoudige en visuele materialen uitgekomen die zorgverleners kunnen inzetten bij het gesprek met (aanstaande) ouders over stoppen met roken. De materialen, bestaande uit drie beeldverhalen en de inzet van de CO-meter, zijn uitgetest in het project PROMISE.

Trimbos-instituut, 2019