Sigaar

Een sigaar bestaat uit tabak opgerold in een huls van tabaksblad (in plaats van papier, zoals bij sigaretten). Sommige kleine sigaren lijken op sigaretten, maar er zijn verschillen. Sigaren bevatten bijvoorbeeld sterk gefermenteerde tabak, in tegenstelling tot sigaretten. Het proces van fermentatie leidt tot een sterkere, karakteristieke smaak, maar ook tot de vorming van meer stikstofoxiden, ammonia en (kankerverwekkende) nitrosaminen.1 In 2014 rookte 4% van de Nederlanders wel eens sigaren; meer mannen dan vrouwen.2

Sigarenrook wordt minder vaak tot in de longen geïnhaleerd. Dit heeft te maken met de hogere pH-waarde van sigarenrook: de rook is minder zuur en daardoor sterker irriterend in de longen.1 Door de hoge pH-waarde wordt echter ook meer nicotine via het mondslijmvlies opgenomen.3 Ook zonder inhaleren krijgen sigarenrokers dus nicotine binnen, maar dan via de mond. Het risico op verslaving is bij het roken van sigaren even hoog als bij het roken van sigaretten.1,3

Er zijn verschillen in gezondheidsrisico’s tussen het roken van sigaren of sigaretten.

  • Sigarenrokers roken over het algemeen minder frequent dan sigarettenrokers. Aan de andere kant bevatten sigaren per stuk meer tabak dan sigaretten. Sigaren produceren meer rook en het roken ervan duurt dan ook veel langer.
  • De rook van sigaren is minimaal even schadelijk als de rook van sigaretten. Net als sigarettenrook, bevat sigarenrook de giftige en kankerverwekkende stoffen die vrijkomen bij de verbranding van tabak.1,3 
  • De concentratie koolmonoxide is in sigarenrook hoger. Dit komt doordat sigaren een omhulsel van tabaksblad hebben, dat minder poreus is dan papier en daardoor minder zuurstof bij de verbranding toelaat. 
  • Het roken van sigaren is gerelateerd aan vergelijkbare ziekten als het roken van sigaretten.3 Een verschil met sigarettenrokers is echter dat longziekten en kanker in de longen, mond- en keelholte en blaas minder vaak voorkomen bij mensen die enkel sigaren roken. Dit komt waarschijnlijk door het verschil in diepte van de inhalatie en het feit dat sigarenrokers gemiddeld veel minder vaak roken. Sigarenrokers hebben echter een ongeveer even hoog risico als sigarettenrokers op kanker in de mond, keel of hersenen.1,3,4,5 
  • De precieze hoogte van het gezondheidsrisico is afhankelijk van de blootstelling aan rook. Onder meer de frequentie van het roken en de diepte van inhaleren bepalen de mate van blootstelling.3,5

Bronnen

1. Baker, F. et al. (2009). Health risks associated with cigar smoking. JAMA Special Edition, 284(6), 735-740.
2. Verdurmen, J., Monshouwer, K., & Laar, M. van (2015). Factsheet Continu Onderzoek Rookgewoonten 2014. Utrecht: Trimbos-instituut.
3. Shopland, D. R. (1998). Cigars: Health effects and trends. Smoking and Tobacco Control No. 9. U.S. Department of Health and Human Services. 
4. Wyss, A. et al. (2013). Cigarette, cigar, and pipe smoking and the risk of head and neck cancers: pooled analysis in the International Head and Neck Cancer Epidemiology Consortium. American Journal of Epidemiology, 178(5), 679-690.
5. McCormack, V. A. et al. (2011). Cigar and pipe smoking and cancer risk in the European Prospective Investigation into Cancer and Nutrition (EPIC). International Journal of Cancer, 127(10), 2402-2411.